Recensie: ‘Beter wordt het niet: Een reis door de Europese Unie en het Habsburgse Rijk’

Auteur: Edgar Pelupessy

 

Het is inmiddels alweer ruim twee maanden geleden sinds de Tweede Kamer verkiezingen en nog steeds is Nederland in de greep van haar politieke leiders. Voor het eerst in de Nederlandse geschiedenis won een pan-Europese politieke partij zeggenschap in een nationaal parlement en groeide het extreemrechtse electoraat tot boven het percentage van de beruchte statenverkiezing van 1935.1 Beide gebeurtenissen zijn niet uitzonderlijk Nederlands te noemen aangezien het trends zijn die zich over het gehele continent afspelen. Zo sprak Orbán recentelijk nog over een rechtse Renaissance binnen de Europese Unie en heeft dezelfde pan-Europese een voet tussen de deur weten te krijgen in het Bulgaarse parlement. Kortom, Europa lijkt wederom een continent van politieke extremen te worden.

De Europese Unie speelt een cruciale rol in de afloop van deze politieke ontwikkelingen. Zij is namelijk het enige internationale gemeenschappelijke platform dat beide kampen gebruiken voor samenwerkingsverbanden tussen hun politiek gelijkstemden binnen de Europese Unie. De EU verbindt en verdeelt dus tegelijkertijd. Hoe kan zo’n politiek stelsel voortbestaan als deze polarisatie alleen maar lijkt toe te nemen? Wil de EU op een vreedzame manier blijven doorgaan, dan moet ze zichzelf weten opnieuw uit te vinden. Het is deze existentiële kwestie die columnist en schrijver Caroline de Gruyter bezighield in haar nieuwe boek Beter wordt het niet. Volgens De Gruyter kan de EU wellicht lering trekken uit het late Habsburgse Rijk, een multicultureel imperium dat op veel gebieden gelijkenissen kende met de huidige EU.

Toch is haar verhaal zoals ze zelf al aangeeft in de inleiding van het boek geen ‘doorgetimmerd traktaat over de overeenkomsten en verschillen, maar meer een impressionistische, persoonlijke zoektocht waarbij onderweg sommige luikjes wel opengaan en andere niet'. Ze laat zien dat geschiedenis schrijven niet per se in een bepaald keurslijf hoeft te worden gegoten om relevant te zijn voor het begrijpen van de hedendaagse maatschappelijke problematiek. In de kortgeknipte hoofdstukjes geeft De Gruyter niet alleen een inkijkje in de bijzondere Habsburgse hofhouding ten tijde van keizer Franz Joseph, of de tekortkomingen van de EU, maar laat ze ook een glimp van haar eigen leven zien. Na elke bladzijde krijg je het gevoel dat je naast de Habsburgse geschiedenis ook de auteur beter leert kennen. Dientengevolge is haar betoog een vlot en aantrekkelijk gestructureerd verhaal geworden dat toegankelijk is voor een breed publiek.

Voor haar werk heeft De Gruyter veel door Europa gereisd. Zo woonde ze onder andere in Genève en Brussel, en settelde ze zich vanaf 2016 in Wenen. Tegenwoordig is ze woonachtig in Oslo en blijft daar hoogstwaarschijnlijk nog wel een paar jaar wonen. Haar achtergrond is van belang voor het verhaal dat ze heeft geschreven, omdat het laat zien dat ze deel uitmaakt van een internationale Europese kring die veelal vanuit de hogere klassen van de maatschappij opereert. Zo interviewde ze voor haar boek verschillende Europese elites die elk wel iets zinvols hadden te zeggen over het politieke beleid van de EU en haar leiders. Van de Oekraïense Gregor Razumovsky of de Oostenrijkse Albrecht Hohenberg tot aan de Tsjechisch- Oostenrijkse Karel Schwarzenberg, deze adellijke telgen passeren allemaal de revue. Maar de kers op de taart is toch echt wel De Gruyters ontmoeting met de erfgenaam van het huis Habsburg: Karl van Habsburg-Lotharingen.

Zij ontmoette hem op een lezing in 2016 waar hij sprak over de EU. Hij begon in zijn redevoering echter al snel parallellen te trekken met het late Habsburgse Rijk, iets waar zijzelf al eerder in dat jaar een artikel over had geschreven voor de Amerikaanse denktank Carnagie Endowmen for International Peace (CEIP). Achteraf gezien bleek hij gewoon ordinair haar artikel te hebben gebruikt voor zijn eigen betoog. Hij zag het zelf waarschijnlijk anders in, aangezien ze nooit een excuses van hem aangeboden heeft gekregen. Na met hem te hebben gesproken vielen alle wrokgevoelens die ze voor hem had echter weg omdat, zoals ze zelf omschreef, ‘de man gevangen zit in een rol die hem helemaal niet ligt.’ Het gevangen zitten in een rol die niet weggelegd is voor de persoon in kwestie is ook een probleem dat alsmaar vaker opdaagt binnen de EU. Beleid wordt nog steeds te veel in achterkamertjes gemaakt waardoor ambtelijk falen niet fatsoenlijk kan worden bestraft.

Naast deze prestigieuze ontmoetingen met vooraanstaande Europese adellijke geslachten heeft De Gruyter ook diverse academische experts geïnterviewd. Deze verslagen weergeven ten opzichte van de andere gesprekken een veel inhoudelijker beeld van wat er ontbreekt of goed is aan de EU. Zo ziet historica Tamara Scheer parallellen tussen hetHabsburgse Rijk en de EU in de manier waarop mensen in hun zoektocht naar vertrouwen en stabiliteit in de politiek steeds meer in samenzweringstheorieën zijn gaan geloven. De Habsburgers konden er zelf namelijk ook wat van. Het verdoezelen van de zelfmoord van kroonprins Rudolf (1858-1889) is daar een voorbeeld van, of het complot tegen Franz Ferdinand (1863-1914) waarbij hij door zijn eigen medewerkers in een hinderlaag zou zijn gelokt. Overigens merkt Scheer op dat er in de voormalig Habsburgse grondgebieden tegenwoordig zowaar sprake is van een Habsburg-nostalgie. Ze verlangen terug naar een tijd waar de gemoedelijkheid domineerde ten tijde van rampspoed, zelfs al is die tijd ruim een eeuw geleden.

Maar zoiets is niet uitzonderlijk voor Midden- en Oost-Europa. In de gehele Europese Unie, ook in Nederland, is er namelijk sprake van een bepaalde nostalgie naar vervlogen tijden, zowel aan de linker als aan de rechter kant van het politieke spectrum. Wat zegt dit eigenlijk over onze eigen tijd? De titel van De Gruyters boek verraadt het eigenlijk al een beetje. Er schuilt immers een cynische ondertoon in deze benaming. Op de achterkant wordt duidelijk wat ze hier precies mee bedoelt. De EU lijkt tot op het bot verdeeld over allerlei kwesties. Ten behoeve van het behoud van de eenheid van de Unie leidt dit zodoende tot conflictvermijdend gedrag van verschillende Europese leiders. ‘Tijdrekken, permanent hervormen en lelijke compromissen sluiten waren hoekstenen van het Habsburgse bestuur.’ Het was bijna net zo multicultureel en verdeeld als de Europese Unie. Toch heeft het Habsburgse rijk het voor maar liefst vierhonderd jaar uitgehouden. De Europese Unie kan hier iets van leren, wellicht is Europa’s grootste zwakte tegelijkertijd wel zijn grootste kracht, aldus De Gruyter. Het zal dus nooit af worden, ergo: beter wordt het niet.

Na de laatste bladzijde van het boek te hebben omgeslagen is het dan ook niet vanzelfsprekend dat je de hedendaagse maatschappelijke problematiek binnen de Europese Unie in één keer kunt oplossen. Zoals ze zelf al stelde is het geen doorgetimmerd traktaat waarin ze alle zere plekken van de EU blootlegt. Nee, het is eerder een boek waardoor je gaat beseffen dat de Europese Unie eigenlijk een godswonder is en dat er natúúrlijk van alles aan mankeert of ontbreekt, evenals dat dat bij het Habsburgse Rijk het geval was. Maar eigenlijk is dit besef al voldoende om tot een kritische en constructieve stellingname te komen ten opzichte van de EU. Het zou de verdeeldheid waarschijnlijk nooit kunnen wegnemen, daar is Europa een te groot en divers gebied voor, maar het zou de toenemende maatschappelijke polarisatie die we nu ook in Nederland ervaren kunnen temperen en dat is meer dan genoeg.

CAROLINE DE GRUYTER, BETER WORDT HET NIET, EERSTE DRUK (AMSTERDAM: DE GEUS, MAART 2021) 218 P. ISBN 978-90-445-4259-2. €22,50. 

 

beter-wordt-het-niet 2

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 


1. “Provinciale Staten 17 april 1935,” Verkiezingen, Kiesraad, https://www.verkiezingsuitslagen.nl/verkiezingen/detail/PS19350417/680325.